Strelend over de warme zachtheid van je schouder kon ik één ogenblik de hemel in kijken met een tinteling die als poëzie blijft hangen. in antwoord, een zucht van verstandhouding en gewillige lippen.
we gingen op in een minieme beweging en het roerloos in elkaar begraven. terwijl een klokje zuiniger verder tikte morrelden we met de liefhebbende zorg zoals enkel geliefden zich gedragen en dat zachte gevoel in de ziel doorheen de zwartheid van alledag.
Sabine Luypaert
|